kampioenschap

Uit Etymologiewiki
Versie door Andre (overleg | bijdragen) op 16 feb 2012 om 13:16
Ga naar: navigatie, zoeken

kampioenschap

1. 'het kampioen zijn'

  • Louwerse 1892[1]: "Voor vier eeuwen verwon Columbus 't kampioenschap der wereld."
  • Dentz 1897[2]: "[een schermwedstrijd] om £ 50 en 't kampioenschap voor Zuid-Afrika"

2. 'wedstrijd of serie wedstrijden waarin een kampioen bepaald wordt'

  • 1899[3]: "Belg. kampioenschap per groepen"
  • Samson 1910[4]: "een jaarlijksch kampioenschap athletiek voor voetballers"

Naar ik aanneem afgeleid van Engels championship, bekend sinds 1825 in betekenis 1, 1893 in betekenis 2[5].