kappen1

Uit Etymologiewiki
Versie door Olivier van Renswoude (overleg | bijdragen) op 29 okt 2015 om 00:08 (Nieuwe pagina aangemaakt met ''''kappen 1''' ww. ‘hakken’ Waarschijnlijker is dat ''kappen'' met nnl. ''kapen'' ‘roven’ (< ‘afscheuren’) en mnl. ''caven'' ‘splijten, scheiden; beslis...')
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Ga naar: navigatie, zoeken

kappen 1 ww. ‘hakken’

Waarschijnlijker is dat kappen met nnl. kapen ‘roven’ (< ‘afscheuren’) en mnl. caven ‘splijten, scheiden; beslissen’ teruggaat op een o-trap iteratief/intensief met ongelijk paradigma van het slag dat Kroonen (2011) heeft beschreven: pgm. 3ev. *kappōþi, 3mv. *kabunanþi, de voortzetting van pie. 3ev. *ǵobh-néh2-ti, 3mv. *ǵobh-nh2-énti, bij de wortel *ǵebh- ‘rijten, snijden, bijten; eten, kauwen’ (LIV2 161). Binnen het Germaans zijn onder meer nnl. cavel ‘kaak’, nnl. kevel ‘tandeloze kaak’ en kavel ‘lot(staafje)’ verwant en mogelijk ook nnl. kif ‘afgewerkte run’. Buiten het Germaans vinden we o.a. Oudkerkslavisch i-zobljǫ ‘verteren’.


[O.E.C. van Renswoude]

Verwijzing: Kroonen, G., The Proto-Germanic n-stems (Leiden, 2011)