mooi

Uit Etymologiewiki
Ga naar: navigatie, zoeken

mooi bn. ‘fraai’

Opvallend is dat het woord in de vroegste overlevering vooral verwijst naar fraaie kleding en opsmuk, bij uitstek een teken van weelde. Mogelijk betekende pgm. *mauja- dan oorspronkelijk ‘weelderig, welig’ en is het de voortzetting van een afleiding *mouH-io- bij pie. *meuH- ‘overvloedig, krachtig in vermenigvuldiging’, een wortel die Michael Weiss (1996) heeft voorgesteld op grond van o.a. Grieks mūríos ‘talloos’ en Hettitisch mūri- ‘tros ooft’.

[O.E.C. van Renswoude]


Verwijzing: Weiss, M., “Greek μυϱίος ‘countless’, Hittite mūri- ‘bunch (of fruit)’”, in Historische Sprachforschung, 109. Bd., 2. H. (1996), pp. 199-214