nijptang
Nijptang. Afgeleid van nijpen, dat aanvankelijk synoniem was met knijpen, maar tegenwoordig nog slechts in figuurlijke betekenissen gebruikt wordt.
Van Mander 1597: "En keeren om het gloeyend' ijser wercklijck // Met nijptangh stijf die vast toedruckt in een"
Het eerst gevonden voorkomen van het vanuit modern taalgebruik gezien logischer knijptang is uit 1748.
--AE